De taxi die we hebben afgesproken staat netjes om 09.00 uur voor de deur. Het is weer een oude bak die bijna uit elkaar valt, maar omdat we hem privé hebben zit dit dikke prima. We rijden door groen, groen en nog eens groen, tot we de zee zien. Nu nog een klein stukje en we zijn zo in Trinidad. De chauffeur en zijn vrienden op straat hebben, (zo lijkt het), nooit eerder een navigatie gezien. Hij heeft moeite met het vinden van het adres. Zelfs als we er nog maar twee straten van zijn verwijderd. Hij snapt me nog net op tijd, anders waren we uitgestapt, want bij elke keer vragen verlaat mijn telefoon de auto, wat ik helemaal niks vind.
Trinidad is een echte oude stad. Losse stenen, waar je slecht overheen kan met motorvoertuigen. Water afvoer lijkt er niet te zijn, er ontstaan riviertjes door de straten als het regent. In onze nieuwe casa hebben we weer de luxe van airco en een goede douche. Het is alleen erg gehorig, waardoor je ook, erg schattig, steeds paard en wagen voorbij hoort gaan. Het bed kraakt enorm, til je arm op en hij kraakt al. We komen erachter dat het lattenstelsel zelf gemaakt is tussen het vrij chique frame. Er zit niet eens een volledige steunbalk in! Ach, als hij het maar twee nachtjes overleefd. We gaan rustig op pad, even de bus en de tour regelen. We hebben nog geen twee straten gelopen en komen daar Hans tegen. Hij nodigt ons meteen uit om even ergens wat te drinken. Genoeg tentjes hier om plaats te nemen. De eerste waar we gaan zitten heeft alleen maar eten en geen drinken (ja, alleen in Cuba). Dus we zoeken nog even verder en vinden een plekje met voldoende ventilatie. Het is erg warm in Trinidad, veel smalle straatjes zorgt dat er weinig wind doorheen kan. We praten even bij en delen wat mooi geschoten plaatjes. We spreken af ‘s avonds met zijn vieren te gaan eten. Randy zit ziek in zijn casa, maar zal vanavond vast ook wat willen eten.
Voordat we bij de Viazul zijn, vinden we Cubatur, een andere touroperator met excursies. We boeken er een voor de dag erna naar de suikerplantages in de vallei. Het schijnt erg mooi te zijn en vol geschiedenis over de slavernij. Je hebt twee versies. Een waarbij je met de ‘toeristen trein’ (stoomlocomotief) gaat, zonder gids, naar twee plekken. Of een met de bus, Engelse gids, vier plekken, plus lunch. Het wordt de laatste, want juist over de geschiedenis horen maakt de trip zo interessant. Bij het busstation is het weer zoals altijd een doolhof. Zonder vragen kom je nergens. We vinden de Viazul receptie. De bus gaat helaas via Cienfuegos, dus we zijn twee keer zo lang onderweg dan met een taxi. Maar de privé taxi is vrij prijzig hier en een collectivo is een gok met hoe je zit, dus we kiezen toch voor de bus. Zeker voor Jelle nu beter dan warm dubbelgevouwen zitten.



Hierna opzoek naar een plekje voor de lunch. Op de trappen van casa de musica vinden we dat. Een terrasje met een menukaart met 20 soorten gerechten. Maar natuurlijk is alles uitverkocht behalve 4 dingen. (Ook typisch Cuba) Ik bestel maar wat en Jelle slaat dan toch maar over, geen risico met vlees. Op de trappen zie je soms mooie salamandertjes voorbij rennen met een opgekrulde staart, super vrolijk gezicht. Natuurlijk zien we ook weer een aantal straathonden. Die zie je eigenlijk opvallend veel in Cuba, maar de meeste zien er heel gezond uit en gaan lekker hun eigen weg. We lopen nog een stukje over het grote plein, waar alle musea zich bevinden. Duidelijk is dat Jelle beter naar bed kan, dus we gaan nergens in en terug naar de casa voor een siesta. We pakken de bus naar Santa Clara toch laat, dus we kunnen die dag nog wel wat musea in. ‘s Avonds lopen we naar het restaurantje wat Hans aan heeft beveelt. We zijn de eerste, maar niet veel later komen de twee mannen aanlopen. Ook Hans voelt zich niet top. Dus daar zit ik dan, met drie zielige mannetjes. Ze kiezen dan ook alledrie voor een veilige pasta, terwijl ik voor een cordon blue ga. Die heb ik hier nog niet eerder gezien! Het smaakte heerlijk en de prijs was hier heel schappelijk. Het was gezellig met de mannen kletsen en hun over hun reizen horen praten.
De volgende ochtend hebben we ontbijt in de casa, het zit blijkbaar in de prijs. De dame van de schoonmaak bereidt ook het ontbijt voor. Ze spreekt geen Engels, maar we komen er prima uit. Het fruit ziet er iets minder vers uit dan we gewend zijn, dus we laten de Guava dit keer toch echt liggen. Verder weer hetzelfde ontbijt als ergens anders, dan op een bord met patisserie na. Op het bord met dit zoetigheid lopen me toch een partij kleine miertjes! Gelukkig ziet de dame dit uiteindelijk ook en maakt voor ons een nieuw bord klaar. Hierna lopen we naar Cubatur voor onze tour. We zitten in een mooie kleine bus met airco en een groep van ca. 10 man. De gids was erg rustig, maar vertelde duidelijk. De eerste stop zijn ruïnes, ze zijn erg belangrijk volgens hem, maar wij lopen er als toeristen allemaal overeen. Zal in Europa toch niet gebeuren. Je zag het huis van de eigenaar en het net zo grote huis voor zijn 200 slaven aan de overzijde. Hierna bezoeken we nog twee van dit soort locaties, met de keer worden ze toeristischer. We zijn blij met zijn verhaal, dit geeft iets meer informatie over de geschiedenis en de vervelende omstandigheden van de slaven. Zonder dat verhaal zou dit ons weinig zeggen. Na de suikerplantages (ten minste, geen was meer werkzaam) rijden we met de bus naar het lunch restaurant. We zitten met zijn alle aan een grote tafel. Wij komen naast het Australische stel Gareth and Ruth te zitten en een Spanjaard genaamd Edgar. Edgar zegt niet zo veel, maar Gareth en Ruth houden wel van een praatje. Hij komt van oorsprong uit Zuid Afrika, vlak bij de wijnvelden die wij nog graag zouden bezoeken. Zij komt uit Sydney.




Na de tour gaan we de casa weer in voor verkoeling. Hierna de bankzaken regelen, even op internet en weer terug de verkoeling in. We hebben afgesproken met het Australische stel om te gaan eten. Maar net als we naar buiten willen lopen om de internet berichten te checken gaat het regenen en flink ook. Er zit ontstaat zelfs een rivier door de straat. De regen houdt behoorlijk lang aan. Uiteindelijk is het 19:20 als we de straat op kunnen, snel naar het wifiplein. Na inloggen zien we dat ze een berichtje hebben gestuurd met het voorstel om 19:00 uur te meeten bij Cubatur en dan samen een tentje te zoeken. Dus wij lopen er direct heen. Cubatur is dicht en met de regen zullen ze hier vast niet lang hebben staan wachten. We lopen die straat nog in om te kijken of we ze ergens zagen zitten, maar helaas. We gaan uiteindelijk zitten bij een Lonely Planet geprezen restaurant: La Redaction. Terecht dat deze wordt geprezen, de service is goed en het eten en de drankjes zijn top. Helaas was het toetje dat ik wilde bestellen op. Banana en pineaple pie… met de zoete bananen van hier moet dit hemels zijn geweest. We gaan terug naar de casa, morgen een lange wacht dag. Met de bus in de middag naar Santa Clara. De volgende ochtend is het inpakken geblazen. Om 12:00 uur moeten we uitchecken en onze bus gaat om 15:00 uur, dus na ons ontbijt besluiten we nog wat musea te bezoeken in het centrum. Jelle heeft geen behoeften om museum ‘Romantica’ te bezoeken. Weer jammer natuurlijk. We lopen een museum in met de gedachte dat het museum ‘hisorica’ is, maar dat blijkt ‘Nationale Banditos’ oftewel revolutaires en de materialen die zij gebruikte om de revolutie te starten. Helaas, alles Spaans en ondanks dat het personeel erg behulpzaam wilde zijn, ook zij konden geen Engels, dus we konden er weinig van begrijpen. De toren beklimmen dan maar, dan hebben we in ieder geval mooi uitzicht over Trinidad. De hekjes op de toren kwamen tot je knie! Eenmaal buiten dan toch opzoek naar museum historica. Deze zou gaan over een rijke suikerplantage eigenaar, die nog rijker wilde worden. Dat deed hij door een andere rijke stinkerd te vergiftigen en met zijn rijke vrouw te trouwen, die ook weer afkomstig was uit een andere rijke familie. Ook de dame zou niet natuurlijk aan haar einde zijn gekomen. In het museum zie je niks van dit alles. Je ziet weer stukken van de revolutie en wat oude meubels. Het is opnieuw een prachtig pand en de architectuur is prachtig, maar helaas blijft het daarbij.
Hierna dan toch nog maar even afkoelen in de casa, voordat we moeten uitchecken. Spullen op de rug en aan de wandel. Dit is eigenlijk de één van de weinige keren dat we ook echt met onze backpacks een stukje moeten wandelen. We hebben nog wat tijd te doden, dus gaan we opzoek naar een lunch plekje. Deze vinden we bij een bakker die ook wel als supermarkt lijkt te fungeren. Natuurlijk zijn hier bijna alle sandwiches met pollo (kip), maar de kip is op, dus blijft opnieuw weinig keus over. Na ook nog een rustig bakkie koffie lopen we door naar het busstation (nog geen vijf minuten lopen). We zijn lekker vroeg en gaan na het inchecken rustig buiten zitten. Officieel moet je er een half uur van te voren zijn. Het verbaast ons dat veel mensen last minute komen, een aantal dames komen weer 15 minuten van te voren. Gelukkig waren wij vroeg en als een van de eerste in de bus. Dus we hebben goede plekken bemachtigd. Het een beetje irritante Spaanse stel wat achter ons komt te zitten, gaat nog even naar buiten. Perfect, kunnen wij de stoelen vast een klein beetje op ligstand zetten! We zitten goed en de bus rijdt precies op tijd weg.